![]() |
Home | kalender |
MaarkedalO.-L.-V. Hemelvaart |
IN NUKERKE LUIDEN WEER DE KERKKLOKKENBijna een jaar lang zwegen ze De kerkklokken, we weten het, ze roepen de gelovigen op naar de eredienst, treuren om de doden, jubelen op de feesten en zwijgen in de laatste dagen van de Goede Week. Drie zware luidklokken Dionysia, Maria en Agatha zijn door de jaren heen verbonden met het wel en wee van de Nukerkse parochiegemeenschap. De vertrouwde klokkenklanken te moeten missen, daaraan konden parochianen moeilijk wennen. Want het luiden van de klokken is een wezenlijk deel van hun leven geworden. Zo lieten ze zich uit over het klokkengebeier dat ze te lang moesten missen... Sinds half september luidden weer de kerkklokken in Nukerke. Bijna een jaar lang hadden ze gezwegen. En, hoog op de toren van de parochiekerk wijst het verguld smeedijzeren uurwerk voortaan de juiste tijd aan. Ingrijpende restauratiewerken, die de kerkfabriek van de Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartparochie voor haar rekening nam. Ongeveer 8.500 euro bedroeg het kostenplaatje. De gespecialiseerde firma N.V. Meridiaan uit Menen zorgde voor de uitvoering van deze nuttige en nodige werkzaamheden aan de klokkeninstallatie en het torenuurwerk. Al in maart 2004 gaf het kerkbestuur de installateur opdracht om de luidinstallatie onder handen te nemen. De kerkraad opteerde daarenboven om het torenuurwerk te laten bedienen door een radiogestuurde klok gekoppeld aan het tijdsignaal van de atoomklok van Mainflingen bij Frankfurt. Het uurwerk is nu computergestuurd en wordt radiografisch tot op de seconde juist gehouden. Het radiosignaal zal ook de torenklok eind oktober automatisch laten overschakelen naar de wintertijd. De klokkeninstallatie wordt door drie elektronische motoren aangedreven. Het centraal drijfwerk wordt vanuit de sacristie bediend. Van dichtbij Volautomatisch wordt er echter geluid op zaterdag voor de avondmis van 17.30 uur. Op het middaguur klept het Angelusgebed. De werkzaamheden in de torenkamer boden gelegenheid om de klokken van dichtbij te bekijken. Van alle opschriften en tekeningen werden notities genomen en ook foto’s. Interessante gegevens voor een bijdragereeks. Een oude klokkenstoel, de oude mechanische aandrijving voor het torenuurwerk en de zware stenen tegengewichten blijven in de toren als een stukje industriële archeologie. Dionysia De oudste kerkklok heet Dionysia; ze is hergoten in 1807 en weegt 810 kg. Haar inscripties luiden : + 1807 Fissa Ecce Refusa Aerem Findo Appello. Betaalt door de parochiaenen van Nukercke, voortskomende uit St-Denijs bij Berghe, gewijd ben ik Dionysia, genaemt door O.J.Vanbutsele, meyer en Marie-Thérèse Vandeputte, peter ende meter. Faite par L.F. Regnault en l’an 1807, alors était curé M. Auguste Vandeputte. Vrij literair vertaald luidt de Latijnse tekst als volgt : Ten jare 1807, Gebarsten spreek ik van oudheidd, hergoten van jonkheid. ( en van moederschap, want ik kreeg immers twee tweelingsdochtres in het jaar 1871, Marie wegende 430kg en Agatha, wegende 340 kg. E.H. Johannnes Augustinus vande Putte was Ronsenaar(15.02.1753) en baccalaureaat theologie tevens licentiaat kerkelijk en burgerlijk recht; na zijn priesterwijding werd hij in 1785 pastoor van Nukerke. Omdat hij in 1797 de eed van haat aan het koningschap weigerde, werd hij in 1798 opgesloten in het Rasphuis te Gent, vervolgens in Rochefort en later verbannen naar het eiland Ré(F). Hij kreeg op 20 februari 1800 zijn vrijheid terug en ook zijn geliefde Nukerkse parochie. Daar bleef hij pastoor tot 9 oktober 1802 en overleed er op 6 november 1811. Dionysia en haar Duitse opeising ,,Op vrijdag 16 juli 1943 berichtte de Duitse Overheid pastoor Achilles Reyns van Nukerke dat de firma Van Campenhout uit Haren-Noord gemachtigd was de klokken uit de kerktoren van Nukerke weg te nemen en dat de klok Agatha, gegoten in 1871, niet moest ingeleverd worden en tot nut van de eredienst kon blijven luiden. We citeren verder uit de documenten van de toenmalige pastoor : ,,Ik schreef onmiddelijk aan Zeer Eerwaarde Heer Claeys – Bouüaert, vicaris-generaal van het bisdom Gent, om onze oudste klok Dionysia te mogen behouden. Mijn verzoek werd overgemaakt aan de Duitse overheid. Op 7 augustus 1943 berichtte de bisschoppelijke overheid me dat mijn klok Dionysia waarschijnlijk zou behouden worden en zij wenste me alvast proficiat. Maar zie, juist daags voordien, op 6 augustus 1943, waren Dionysia en Maria, de twee grootste klok, door de firma van Campenhout weggevoerd. Ik ging diezelfde 7 augustus 1943 persoonlijk de vicaris-generaal in Gent spreken. Deze zond mijn verzoek opnieuw door naar de president, heer professsor De Beer, conservator van het Sterckshofmuseum te Deurne –Antwerpen. Kort daarop, op 17 augustus 1943, komt de heer president mij persoonlijk volgend schrijven ten huize overhandigen : ,,Auf Grund der Vorsprache von Professor De Beer, Antwerpn, werden Sie hiermit gerechtigt, die Glocke Dionysia von 1807, A II 241, von Glockenlager in Aalst ( Guterbahnhof) abzuholen und dafür die gesprungene Laüteglocke und Transportkosten gehen zu Lasten der Kerkfabriek. Er wird um mitteilung gebeten sobald die Auswechslung erfolgt ist. Für der Militärbefehlshaber in Belgien und Nordfrankreich, Rosemann. Op vrijdag 27 augustus 1943 ben ik met mijn koster Joseph De Riemaecker met een autocamion van de heer burgemeester Roman, brouwer te Mater, naar Aalst de klok Dionysia gaan afhalen en klok Agatha in verwisseling aldaar afgegeven. De klok Agatha is door de bouwondernemer Charles Cordier, Bruul te Ronse, op vrijdag 20 augustus 1943 uit onze torengehaald en op maandag 31 augustus 1943 is Dionysia er weer ingehangen. Ze luidt alweer met volle zwier.’’ Aldus de notulering door pastoor Achilles Reyns, herder in Nukerke van 30 september 1931 tot 13 juli 1951. (Hij werd geboren te Lemberge op 7 december 1874 en overleed te Lochristi op 22 december 1957) Fernand De Vos |
|
Laatste wijzigingen: 10/02/06 @ 04:53 CET | 13.2 msec © Copyright 2003-2010 Dekenaat-ronse.be Powered by SiteEdit © 2002-2010 |